Binge Eating Disorder (eetbuistoornis)

Binge Eating Disorder (BED), ofwel, eetbuistoornis, lijkt in veel opzichten op Boulimia Nervosa: er vinden meerdere eetbuien per week plaats. Het verschil tussen iemand met Boulimia en iemand met BED is het feit dat iemand met Boulimia de eetbui naderhand compenseert. Iemand met BED doet dit niet, waardoor er een (ernstig) overgewicht kan ontstaan.

Eetbuien gebeuren vaak stiekem en er wordt sneller gegeten dan normaal. Je hebt het gevoel niet te kunnen stoppen.Na afloop kun je je schuldig voelen en walgen van jezelf. Een eetbui kan ontstaan doordat je jezelf misschien iets kleins te eten gunt, maar niet kunt stoppen, omdat er iets naars is gebeurd en dit probeert weg te stoppen door te eten. Of omdat je weken gelijnd hebt.

Er komt vaak veel schaamte kijken bij het hebben van een eetbuistoornis en overgewicht. Het kan moeilijk zijn erover te praten met anderen of situaties waarin je wordt geconfronteerd met je lichaam of gewicht ga je uit de weg. Overgewicht kan grote gevolgen hebben voor je gezondheid, zoals en hoge bloeddruk, diabetes mellitus (suikerziekte), hart -en vaatziekten en trombose. Met een tijdige behandeling kan je de risico’s voorkomen of verkleinen.
(Bron: www.naeweb.nl)

 

Onderzoek Binge Eating Disorder

In 2013 deed Chris van den Brink, voormalig programmamanager van BalanZ, wetenschappelijk onderzoek naar de lichaamsbeleving van mensen met een overeetstoornis (BED) en overgewicht. Binge eating disorder (BED) is een relatief nieuwe eetstoornis, die terug te vinden zal zijn in de nieuwe DSM-V. BED, in combinatie met overgewicht, zorgt voor een verhoging van gevoeligheid voor psychische klachten die veel aandacht vragen in behandeling naast lichamelijk herstel. In dit onderzoek werd de lichaamsbeleving van patiënten met BED en obesitas gemeten en vergeleken met die van patiënten met anorexia nervosa en boulimia nervosa. Het zelfbeeld van patiënten met BED en obesitas blijkt zeer negatief. De scores laten zien dat de beleving van het lichaam de negatieve beleving van anorexia en boulimia nervosa zelfs overtreft. De negatieve beleving van het lichaam is groot. Het gebrek aan vertrouwen in het lichaam is groot. Het algemene ongenoegen over het lichaam is groot. Alle drie de factoritems zijn met overtuiging hoger gescoord dan bij anorexia en boulimia nervosa. Op gedragsniveau resulteert dit onder andere in vermijding van het lichaam en sterke verlangens anders te zijn dan de huidige situatie.

Welke conclusies trekken we hieruit voor de behandeling van patiënten met een BED? De conclusie naar aanleiding van deze gegevens moet zijn dat er in de behandeling van BED met obesitas aandacht is voor lichaamsbeleving. Lichaamsgerichte therapie lijkt een noodzaak naast de cognitieve therapie en voedingsmanagement. Daarnaast is het aan de behandelaar om rekening te houden met de in stand houdende factoren die bijvoorbeeld beweging kunnen belemmeren. BalanZ heeft aan de hand van deze conclusie besloten dat lichaamsgerichte therapie als vanzelfsprekend onderdeel van de therapie zal worden ingezet. Zo proberen we weer een stukje dichterbij te komen in de tocht naar ‘goede zorg’.